In België staat het behoud van de natuurlijke biodiversiteit hoog op de agenda, maar de uitdagingen zijn groot. Het landschap, met zijn rijke mix van bossen, moerassen en open landschappen, is een cruciale schakel in het Europese ecosysteem. Volgens de Europese Commissie is België verantwoordelijk voor ongeveer 12 procent van de Europese natuurgebieden met een hoge biodiversiteit, maar de druk van landbouw, urbanisatie en klimaatverandering dreigt deze balans te verstoren. Het wildbeheer, dat traditioneel gericht was op het beheren van jacht en veeteelt, moet nu een meer ecologisch georiënteerde benadering aannemen om de natuurlijke processen te ondersteunen.
Een van de grootste uitdagingen is de herintroductie van soorten die in de loop der eeuwen verdwenen zijn, zoals de bever en de lynx. Deze herintroducties zijn niet alleen wetenschappelijk interessant, maar ook essentieel om het natuurlijke evenwicht te herstellen. Zo heeft de bever, die in België al sinds 1999 in het wild leeft, een positieve invloed op de waterkwaliteit en de structuur van rivieren. De lynx, die sinds 2014 weer in het wild voorkomt dankzij een gezamenlijk project van de overheden en natuurbeschermingsorganisaties, is een teken dat deze strategieën werken.
- De Europese Unie heeft sinds 2019 een doelstelling om 10 procent van de Europese landschappen als natuurgebieden te benoemen, waarvan 15 procent als streng beschermd gebied.
- België telt momenteel ongeveer 3500 soorten vleermuizen, maar 15 procent van deze soorten is bedreigd.
- Het natuurbeheer in Wallonië en Vlaanderen heeft sinds 2010 een budget van meer dan 100 miljoen euro per jaar om herintroductieprojecten en natuurherstel te financieren.
- De Europese Commissie heeft aangekondigd dat ze vanaf 2025 een verplichting zal invoeren voor landbouwers om minimaal 10 procent van hun oppervlakte als natuurvriendelijke zones te behouden.
- In het park De Hoge Kempen is het project “Wildbeheer 2030” gestart om de biodiversiteit te vergroten door het terugdringen van het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen en het vergroten van het aantal wilde zwijnen.
Innovaties spelen een steeds grotere rol in het wildbeheer. Zo worden sensoren en drones gebruikt om het gedrag van dieren te monitoren en het natuurbeheer efficiënter te laten werken. Een voorbeeld hiervan is het project “WildCam” in de Ardennen, waar camera’s worden gebruikt om de populaties van de lynx en de wolf te volgen. Daarnaast worden er nieuwe methoden toegepast om jachtgebieden te herstructureren, zodat ze beter aansluiten bij de natuurlijke habitatpreferenties van wilde dieren. Zo heeft het Vlaams Instituut voor de Natuurbescherming (VINA) een nieuwe strategie ontwikkeld om de jachtgebieden in het Maasgebied te herzien, wat heeft geleid tot een stijging van de populatie van de witte stier.
Maar het is niet alleen om wetenschappelijke en ecologische redenen dat het wildbeheer zo belangrijk is. Ook de economische en sociale voordelen zijn aanzienlijk. Natuurgebieden trekken toeristen en bieden werkgelegenheid in de natuurtoerisme- en recreatiebranche. Daarnaast dragen natuurgebieden bij aan de mentale gezondheid van de bevolking en verminderen ze de impact van klimaatverandering door CO₂ op te nemen. Het project “Natuurlijk Vlaanderen” heeft bijvoorbeeld aangetoond dat het herstel van natuurgebieden in Vlaanderen de lokale economie kan stimuleren door meer natuurtoerisme en -recreatie.
Open de link open de link om meer te weten te komen over de innovatieve methoden en projecten die in België worden uitgevoerd om de biodiversiteit te behouden en te vergroten.